Zoetermeer: 079 – 3415034
Rijswijk 070 – 3360020
Voor afspraak kantoor Leens bel: 079-3415034
Contact

Hoge Raad oordeelt over kinderalimentatie

Zoetermeer, 9 oktober 2015

Ons hoogste rechtscollege heeft op 9 oktober een hele belangrijke zogenaamde prejudiciële beslissing genomen over de vraag op welke wijze het kindgebonden budget inclusief alleenstaande ouderkop in de berekening over de hoogte van de te betalen kinderbijdrage moet worden verwerkt. Tot voor kort werd er in de praktijk van uitgegaan dat het kindgebonden budget in zijn totaliteit  (dus inclusief alleenstaande ouderkop)van de behoefte van het kind moest  worden afgetrokken. De rechtbank in Den Haag vond  begin 2015  niet juist en oordeelde anders. De alleenstaande ouder kop moest bij de draagkracht van de alimentatiegerechtigde worden opgeteld. Het restant van het kindgebonden budget werd afgetrokken door de rechtbank van de behoefte van het kind resp. de kinderen.

Kinderalimentatie

Andere rechters waren het hier niet mee eens en volgden de tot dan toe meest gebruikelijke rekenwijze: het volledig in mindering brengen van het kindgebonden budget (inclusief alleenstaande ouder kop) op de behoefte van de kinderen.
Het Gerechtshof in Den Haag vroeg mede omwille van de rechtseenheid aan de Hoge Raad om hierover een uitspraak te doen. De Hoge Raad stelt zich op het standpunt dat bij de berekening van de door de onderhoudsplichtige ouder te betalen kinderalimentatie het kindgebonden budget inclusief alleenstaande ouderkop niet in aanmerking moet worden genomen bij de bepaling van de behoefte  van het kind, maar bij de berekening van de draagkracht van de ouder die het kindgebonden budget ontvangt. Daarbij dient, zo stelt de Hoge Raad, geen onderscheid te worden gemaakt tussen de alleenstaande ouder kop en het overige deel van het kindgebonden budget.
de Hoge Raad komt tot dit oordeel omdat de ouders verplicht zijn om naar draagkracht te voorzien in de kosten van verzorging en opvoeding van hun minderjarige kinderen. Deze kosten vormen de behoefte van het kind. De verplichting van de ouders om daarin te voorzien bestaat ongeacht de behoeftigheid van het kind. De sinds januari 2015 geldende overheidsregelingen om ouders tegemoet te komen in de financiële lasten verbonden aan de verzorging en opvoeding van de kinderen, verminderen de behoefte van het kind niet. Deze regelingen komen dus niet in plaats van de verplichting van de ouders om in de behoefte van hun kind te voorzien. De tegemoetkomingen van de overheid (het kindgebonden budget inclusief alleenstaande ouderkop) beogen de verzorgende ouder, respectievelijk de verzorgende alleenstaande ouder, inkomensondersteuning te bieden om in de behoefte van zijn kind of zijn kinderen te voorzien. Deze tegemoetkomingen verhogen dan ook de draagkracht van die ouder, aldus de hoge Raad.

Belangrijke uitspraak Hoge Raad over kinderalimentatie

Deze uitspraak is daarom zo belangrijk omdat in de praktijk in ieder geval vanaf 2015 maar wellicht ook daarvoor uitspraken door rechters zijn gedaan die niet meer voldoen aan de wettelijke maatstaven die de Hoge Raad met haar uitspraak heeft aangelegd. Met name zal een groot aantal alleenstaande ouders met een laag inkomen die een hoog kindgebonden budget inclusief alleenstaande ouder kop ontvingen toch weer aanspraak kunnen maken op een bijdrage van de andere ouder die tot voor kort geen bijdrage hoeven te betalen omdat met het kindgebonden budget inclusief de alleenstaande ouderkop  volledig in de behoefte werd voorzien.

Justum Advocaten over kinderalimentatie

Justum Advocaten kan u behulpzaam zijn bij het herberekenen van de te ontvangen danwel verschuldige kinderbijdrage(n) en het voeren van procedures strekkende tot wijziging daarvan.